Leg de twee mogelijkheden naast elkaar
Zet ‘Een tweede bezoek tijdens lunch plannen’ en ‘Het eerste bezoek aanvullen met een teamgesprek’ als kolommen naast elkaar. Gebruik ‘Observatieblad met tijdstippen en taaksoorten’ om in beide kolommen hetzelfde aspect te beoordelen. Wanneer de ene optie een uitgebreidere opdracht omvat, markeer je eerst dat verschil. Een kortere doorlooptijd, lager bedrag of groter bereik kan anders vooral een verschil in afbakening weerspiegelen.
De afweging achter ‘Een tweede bezoek tijdens lunch plannen’ wordt pas duidelijk wanneer je het gevolg bespreekt. De piek wordt zichtbaar, het bezoek vraagt extra tijd. Vraag daarna wat er verandert onder ‘Het eerste bezoek aanvullen met een teamgesprek’. Meer context komt snel beschikbaar, maar waarneming en verhaal blijven onderscheiden. Gebruik dit verschil voor ‘Geanonimiseerde turflijst’, ook als de keuze nog openblijft.
De twee condities in het werkblad
Gebruik de twee waarden als controle op je vergelijking. Voorbereidingsuur komt uit op 2 interacties per halfuur. Bij lunchpiek staat 18 interacties per halfuur. Het verschil bedraagt 16 interacties per halfuur in opwaartse richting. Bespreek of dit verschil voor kandidaat bij een foodconcept zwaar genoeg weegt om de andere mogelijkheid los te laten. De uitkomst van de som en de keuze zelf zijn twee verschillende stappen.
Maak de keuze achter «Tel zichtbare interacties» zichtbaar in twee kolommen. De optie «Een tweede bezoek tijdens lunch plannen» en de optie «Het eerste bezoek aanvullen met een teamgesprek» vragen mogelijk ander bewijs. Houd 2 interacties per halfuur en 18 interacties per halfuur bij hun eigen conditie en leg uit welke van de twee bruikbaar is voor deze vergelijking. Het bewijsstuk voor je eigen bewerking is Observatieblad met tijdstippen en taaksoorten. Schrijf de doorslaggevende voorwaarde bij jouw voorkeur. Daarmee kan een collega ook een andere conclusie trekken wanneer die voorwaarde verandert. De bedragen of tellingen in deze oefening horen bij het gekozen voorbeeld.
Van uitwerking naar beslissing
Werk de vergelijking af met één zin voor het team. Noem de voorkeur, de reden en de voorwaarde die nog moet worden bevestigd. Als ‘Noteer welke ondernemersbesluiten je zag’ voor die bevestiging nodig is, houd je die taak apart. Zo blijft een voorlopig voordeel herkenbaar als voorlopig.
Geef aan wat je zelf hebt waargenomen en waar je nog een gesprek of document voor nodig hebt. Bij de vraag ‘Tel zichtbare interacties’ helpt het om één toetsbare zin te noteren over meelopen op een stille woensdagochtend. Vermeld welke informatie je gebruikt en welke afspraak nog ontbreekt. Een collega kan dan zien welke vervolghandeling logisch is zonder de hele aanleiding opnieuw te reconstrueren.
Controleer je notitie aan de hand van een praktisch tegenvoorbeeld. Stel dat ‘Observatieblad met tijdstippen en taaksoorten’ later wordt bijgewerkt. Welke uitspraak over tel zichtbare interacties zou je dan opnieuw moeten toetsen? Schrijf op wat de wijziging betekent voor kandidaat bij een foodconcept en wie daarover bericht moet krijgen. Dat maakt de uitwerking bruikbaar bij een volgende versie van het dossier.



