| Categorie of berekende grens | Winkels in doe-het-zelfartikelen | Winkels overige huishoudartikelen |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 4.215 | 5.015 |
| Eén werkzaam persoon | 1.890 | 2.785 |
| Natuurlijke personen | 2.115 | 3.465 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 0 | 1.235 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 1.890 | 2.785 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 1.890 plus 2.115. Trek daar de 4.215 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 0 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 1.890. Als aandeel van winkels in doe-het-zelfartikelen loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 0% tot 44,8%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij winkels overige huishoudartikelen
In deze tweede bedrijfstak werken 2.785 bedrijven met één persoon. 3.465 van de in totaal 5.015 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 1.235 en de bovengrens 2.785. De ruimte tussen beide bedraagt 1.550 bedrijven, tegen 1.890 bij winkels in doe-het-zelfartikelen. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in doe-het-zelfartikelen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van markthandel in voedingsmiddelen (7,5 procentpunt), het hoogste voor winkels in doe-het-zelfartikelen (44,8 procentpunt). Winkels in doe-het-zelfartikelen ligt met 44,8 procentpunt aan de bovenkant van deze vergelijking. De meest nabije uitkomst is 32,1 procentpunt bij winkels in vrijetijdsartikelen. Ook qua omvang ligt winkels in vrijetijdsartikelen het dichtst bij winkels in doe-het-zelfartikelen, met 4.140 tegenover 4.215 bedrijven. Daarmee vallen twee selectiecriteria hier samen.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4752 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 40,7 procentpunt naar 42,8 procentpunt. Over één jaar is het verschil +2,2 procentpunt, of gemiddeld +2,2 procentpunt per jaar. Bij winkels overige huishoudartikelen ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 32,8 procentpunt naar 33,8 procentpunt. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +320 bedrijven. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen verschoof tegelijkertijd met +300. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 40,8 procentpunt naar 44,8 procentpunt.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij winkels in doe-het-zelfartikelen vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit winkels in doe-het-zelfartikelen wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een verkoopdag wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij winkels in vrijetijdsartikelen als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.




