| Categorie of berekende grens | Schilders- en glaszetbedrijven | Timmerbedrijven (bouw) |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 15.770 | 26.600 |
| Eén werkzaam persoon | 13.085 | 23.905 |
| Natuurlijke personen | 14.135 | 24.570 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 11.450 | 21.875 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 13.085 | 23.905 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 13.085 plus 14.135. Trek daar de 15.770 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 11.450 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 13.085. Als aandeel van schilders- en glaszetbedrijven loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 72,6% tot 83%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij timmerbedrijven (bouw)
In deze tweede bedrijfstak werken 23.905 bedrijven met één persoon. 24.570 van de in totaal 26.600 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 21.875 en de bovengrens 23.905. De ruimte tussen beide bedraagt 2.030 bedrijven, tegen 1.635 bij schilders- en glaszetbedrijven. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij schilders- en glaszetbedrijven?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 43 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van stukadoorsbedrijven (6,9 procentpunt), het hoogste voor loodgieters en installatiebedrijven (21,3 procentpunt). Bij 2 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 10,4 procentpunt en bij 3 hoger. Met 11 procentpunt komt vloer- en wandafwerkingsbedrijven het meest in de buurt van schilders- en glaszetbedrijven. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij loodgieters en installatiebedrijven met 18.770 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is vloer- en wandafwerkingsbedrijven met 11 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4334 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 8,9 procentpunt naar 9,7 procentpunt. Over één jaar is het verschil +0,8 procentpunt, of gemiddeld +0,8 procentpunt per jaar. Bij timmerbedrijven (bouw) ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 6 procentpunt naar 6,8 procentpunt. De subgroep en het totaal bewogen tussen oktober 2025 en oktober 2026 in tegengestelde richting. In de subgroep gaat het om +185 en in de complete CBS-categorie om -60 bedrijven.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij schilders- en glaszetbedrijven vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit schilders- en glaszetbedrijven wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een klus buiten de deur wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij vloer- en wandafwerkingsbedrijven als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.




