| Categorie of berekende grens | Markt- en opinieonderzoek | Reclamebureaus |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 4.450 | 35.350 |
| Eén werkzaam persoon | 3.725 | 30.915 |
| Natuurlijke personen | 2.825 | 30.685 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 2.100 | 26.250 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 2.825 | 30.685 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 3.725 plus 2.825. Trek daar de 4.450 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 2.100 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 2.825. Als aandeel van markt- en opinieonderzoek loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 47,2% tot 63,5%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij reclamebureaus
In deze tweede bedrijfstak werken 30.915 bedrijven met één persoon. 30.685 van de in totaal 35.350 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 26.250 en de bovengrens 30.685. De ruimte tussen beide bedraagt 4.435 bedrijven, tegen 725 bij markt- en opinieonderzoek. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij markt- en opinieonderzoek?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 3 activiteiten uit hoofdtak 73 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van reclamebureaus (12,5 procentpunt), het hoogste voor handel in advertentieruimte (18,3 procentpunt). Bij 1 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 16,3 procentpunt en bij 1 hoger. Met 18,3 procentpunt komt handel in advertentieruimte het meest in de buurt van markt- en opinieonderzoek. Ook qua omvang ligt handel in advertentieruimte het dichtst bij markt- en opinieonderzoek, met 1.505 tegenover 4.450 bedrijven. Daarmee vallen twee selectiecriteria hier samen.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 7320 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 16,9 procentpunt naar 16,2 procentpunt. Over één jaar is het verschil -0,7 procentpunt, of gemiddeld -0,7 procentpunt per jaar. Bij reclamebureaus ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 14,4 procentpunt naar 15,3 procentpunt. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -325 bedrijven. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen verschoof tegelijkertijd met -100. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 17,3 procentpunt naar 16,3 procentpunt.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij markt- en opinieonderzoek vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit markt- en opinieonderzoek wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een klantdossier wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij handel in advertentieruimte als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.



