| Categorie of berekende grens | Groothandel in textiel | Groothandel in speelgoed |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 425 | 400 |
| Eén werkzaam persoon | 275 | 240 |
| Natuurlijke personen | 185 | 165 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 35 | 5 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 185 | 165 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 275 plus 185. Trek daar de 425 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 35 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 185. Als aandeel van groothandel in textiel loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 8,2% tot 43,5%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij groothandel in speelgoed
In deze tweede bedrijfstak werken 240 bedrijven met één persoon. 165 van de in totaal 400 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 5 en de bovengrens 165. De ruimte tussen beide bedraagt 160 bedrijven, tegen 150 bij groothandel in textiel. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij groothandel in textiel?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 46 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van groothandel in huishoudapparatuur (26 procentpunt), het hoogste voor groothandel in speelgoed (40 procentpunt). Bij 3 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 35,3 procentpunt en bij 2 hoger. Met 31,6 procentpunt komt groothandel in watersportartikelen het meest in de buurt van groothandel in textiel. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij groothandel in speelgoed met 400 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is groothandel in watersportartikelen met 31,6 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4641 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 39,5 procentpunt naar 36,4 procentpunt. Over 2 jaar is het verschil -3,2 procentpunt, of gemiddeld -1,6 procentpunt per jaar. Bij groothandel in speelgoed ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 43,2 procentpunt naar 42,4 procentpunt. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -5 bedrijven. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen verschoof tegelijkertijd met -5. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 36 procentpunt naar 35,3 procentpunt.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij groothandel in textiel vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit groothandel in textiel wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een verkoopdag wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij groothandel in watersportartikelen als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.




