| Categorie of berekende grens | Grondverzetbedrijven | Sloopbedrijven |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 7.990 | 2.605 |
| Eén werkzaam persoon | 6.660 | 2.250 |
| Natuurlijke personen | 6.790 | 2.255 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 5.460 | 1.900 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 6.660 | 2.250 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 6.660 plus 6.790. Trek daar de 7.990 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 5.460 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 6.660. Als aandeel van grondverzetbedrijven loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 68,3% tot 83,4%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij sloopbedrijven
In deze tweede bedrijfstak werken 2.250 bedrijven met één persoon. 2.255 van de in totaal 2.605 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 1.900 en de bovengrens 2.250. De ruimte tussen beide bedraagt 350 bedrijven, tegen 1.200 bij grondverzetbedrijven. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij grondverzetbedrijven?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 43 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van stukadoorsbedrijven (6,9 procentpunt), het hoogste voor verwarmingsinstallatiebedrijven (22,6 procentpunt). Bij 2 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 15 procentpunt en bij 3 hoger. Met 13,4 procentpunt komt sloopbedrijven het meest in de buurt van grondverzetbedrijven. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij stukadoorsbedrijven met 7.945 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is sloopbedrijven met 13,4 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4312 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 13,1 procentpunt naar 14,3 procentpunt. Over één jaar is het verschil +1,2 procentpunt, of gemiddeld +1,2 procentpunt per jaar. Bij sloopbedrijven ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 12,3 procentpunt naar 13,4 procentpunt. De subgroep en het totaal bewogen tussen oktober 2025 en oktober 2026 in tegengestelde richting. In de subgroep gaat het om +75 en in de complete CBS-categorie om -170 bedrijven.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij grondverzetbedrijven vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit grondverzetbedrijven wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een klus buiten de deur wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij sloopbedrijven als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.


